Sunday, May 23, 2010

Kader


 
Als het nodig is om hem te kennen en ik weet niet zijn naam, dan

zwem ik kadeloos en klein in een poel waarvan ik niet weet dat het

niets dan de kom van zijn handen is, niet mijn wil waarbinnen ik

beweeg. Ik geloof het niet, nee, maar dat zou het mooiste zijn, dat is

het dichtste bij wat ik zou willen geloven: de kust, de bodem,

dat hij de schouder is waar wij soms tegenaan vallen, de scherpste rand,

het graniet vanaf het punt dat wij niet meer bereiken. Er zou niets zijn

om te vrezen, want we zouden niets begrijpen. Het moment dat je springt, lucht

suizend langs huid, ogen dicht geknepen, weerloos in de val: het is dat

je weet dat je het water raakt.

0 reacties: